13.12.05
Konvooi
Jullie weten dat ons gezinnetje het vrije reizen hoog in het vaandel heeft staan, dus het behoeft geen betoog dat we niet uitkeken naar dat deel van Egypte waar we in konvooi zouden moeten reizen. We wisten al op voorhand dat alles tussen Luxor en Abu Simbul in konvooi moest en de eerste rit tussen Luxor en Aswan werd een ramp.
Monique zit achter het stuur en moeders ernaast. Ik zit met de kinderen achterin en krijg niet echt mee dat het zeer moeilijk rijden is. Het verzamelen in Luxor is geen probleem en er zijn ook niet té veel voertuigen. Nee, de problemen zijn:
- er wordt té hard gereden, ook door de dorpen heen
- om in konvooi te blijven rijden halen de mensen gevaarlijk in en wordt een 2 baansweg per definitie 3
- als je achteraan je eigen tempo probeert te rijden, gaat de politie auto achter je irritant half naast je rijden en zet de sirene om de haverklap aan
- je krijgt geen tijd om ergens te stoppen en ziet alles aan je voorbij trekken
- er liggen veel dorpjes tussen Luxor en Aswan, dus het is uitkijken geblazen. Er zal maar een ezel of hond plots oversteken
- de chauf is over geconcentreerd en kan haast niet genieten van de omgeving
- iedereen in de bus krijgt een beetje spanning mee
- de chauf moet erg op de hoede zijn voor verkeersdrempels. Normaal moet dat ook, maar wil je het konvooi bijhouden dan rij je wat anders/sneller dan normaal
- volgens ons neemt het aantal ongelukken toe, omdat men soms als een idioot inhaalt om de vaart er maar in te houden/bij te blijven.
Kortom: we vinden het niks en de gedachte erachter klopt ook niet. Omdat het toerisme de grootste bron van inkomsten is voor Egypte willen ze de toerist optimaal beschermen. Op zich een goed idee, maar als je een aanslag wilt plegen met grote gevolgen dan leent een konvooi zich daar wel heel erg voor. Je weet precies wanneer het konvooi vertrekt, je weet de route en je weet dat er altijd veel buitenlanders in het konvooi rijden. Maar goed, wij bepalen het beleid hier niet.
Monique is doodmoe als we aankomen in Aswan en moeders zegt dat ze ook niet echt op haar gemak had gezeten. Later kwamen we erachter dat we de zwaarste het eerst hadden gehad.
Het konvooi van Aswan naar Abu Simbul is best relaxed. Natuurlijk moeten we wel weer verzamelen, maar na 10 kilometer valt het konvooi uit elkaar. Dit kwam mede door het feit dat we een afslag misten en helemaal achteraan kwamen te rijden. Er is ook maar één weg naar het zuiden en er zijn ook geen dorpjes of afslagen langs de weg. De omgeving maakt het voor een 2 wiel aangedreven auto dus bijna onmogelijk om ‘te ontsnappen’ en een andere weg op te gaan dan naar Abu Simbul.
Om het konvooi van Aswan terug naar Luxor leuker te maken dan de heenreis, denken we er goed aan te doen om 2 tussenstops te maken. Dat blijkt een goede keuze en zo halen we een groot deel van de stress uit deze rit. Het blijft echter vervelend om te hard te moeten rijden en niet bij dorpjes te mogen stoppen. Dit keer zien we ook echt dat het een konvooi is en alle toegangswegen naar onze weg worden tijdelijk afgesloten. Iedere keer zien we agenten of mensen in burger met een geweer onze veiligheid waarborgen. Ook al het tegemoet komend verkeer wordt op diverse punten stilgelegd en verkeer op onze baan wordt de berm in getoeterd. Moet toch wat zijn voor de plaatselijke bevolking al die ellende rondom een konvooi elke dag. Aan de andere kant weten ze natuurlijk wel elke dag precies hoe laat je er rekening mee moet houden.
Gelukkig kunnen we afscheid nemen van het konvooi richting port Safaga. Het konvooi is dit keer erg groot en er zitten heel veel grote bussen bij. Dat zijn we niet gewend. De bussen maken er ook een spelletje van om elkaar in te halen en sommige rijden 120 plus. Sommige chauffeurs zijn ook echte waaghalzen en halen gewoon in bij bochten en op heuvels. We zien maar heel soms een uitgebrand wrak langs de weg. Waarschijnlijk gebeurt er meer, maar halen ze alles vlug weg. De toerist mag niets merken/zien! Tijdens de rit wordt er dit keer wel gestopt en we doen alsof ons neus bloedt. We rijden gewoon door en niemand houdt ons tegen. We rijden dus geheel relaxed naar port Safaga en maken onderweg foto’s wanneer wij dat willen. Het is een prachtig rots landschap en genieten er dubbel van.
Maar zijn er dan geen positieve dingen te melden? Oh ja wel, het is erg goed voor de werkgelegenheid. Iedere keer is er een half legertje toeristenpolitie op de been en ook de waterverkoper bij een beginpunt doet goede zaken. Die verkoopt een liter water voor 5 pond, terwijl 1,5 de normale prijs is.
Tijd om port Safaga te verlaten en daar heb ik dit keer moeite mee. We hebben het er prima naar ons zin, de vissenpracht is mooi en de jongens hebben de speeltuin/zand. Toch gaan we verder en zijn heel wat van plan. De weg naar Hurgada is appeltje/eitje en we laten de stad rechts liggen. Ook rijdt het goed door naar het Pilatusklooster, maar daarna kunnen we maar 70 km rijden langs een prachtige kustweg. Niet goed voor het gemiddelde, wel voor het uitzicht. Ook zien we dat OVERAL nieuwe resorts worden neergezet en we verbazen ons over het feit wie daar allemaal komen overnachten. Het aantal huisjes/appartementen loopt echt in de duizenden.
Op voorhand weten we dat het niet makkelijk zal worden om langs Suez de juiste weg te vinden, maar met behulp van de plaatselijke bevolking lukt het ons altijd wel. Monique houdt gewoon een vrachtwagenchauffeur aan en die rijdt ons netjes voor. Inmiddels hebben we al weer meer dan 500 kilometer achter de kieuwen en we besluiten halt te houden in Ras Sudr. De jongens hebben het tot op heden uitstekend gedaan en het wordt ook al bijna donker. Voor het plaatsje besluiten we gewoon de toeristenpolitie aan te schieten en als die de jongens zien, dan is het zo gedaan. Ze zoeken voor ons een plaatsje uit bij een resort dat in de winterslaap zit. De mensen die daar nog de wacht houden en het noodzakelijk onderhoud doen, zijn erg vriendelijk. Na het eten word ik zelfs uitgenodigd om een strandwandeling te maken met een van hen en dat is weer heel leerzaam. De jongen is 22 en heeft een studie kunstgeschiedenis achter de rug in Cairo. Daar kan hij echter geen wek in vinden en probeert nu zijn talen op te halen om zodoende in de toeristenindustrie aan de slag te kunnen. Zijn engels is er goed en hij spreekt ook Russisch. We hebben het over het huwelijk, de Egyptische samenleving en wat hij zoal verdient: 300 pond per maand. Oef, maar wel met kost en inwoning.
Na een redelijk onrustige nacht, we stonden bijna naast de weg, worden we wakker in een grauwe mist ochtend. Bah, dat zijn we niet gewend en de zilte zeelucht zit dik aan de bus geplakt. We pakken vlug in en zijn ruim voor achten al weer op pad. De mist lost gelukkig redelijk vlug op dankzij de felle zonnestralen en als we in Ras Sudr inkopen doen wordt alles weer helder. Dat geldt niet voor Monique, want die blijft meer dan 20 minuten weg terwijl ze alleen maar ‘even’ wat brood om de hoek gaat kopen. Oef, de rook kwam uit mijn oren. Wat is het geval, er was helemaal geen bakker om de hoek en ze moest een heel eind lopen, kwam meer lekkers tegen en had te weinig geld bij zich. Ik heb even tijd nodig om af te koelen.
De weg door de Sinai is weer vol met rotsen en die kunnen ons boeien. We zien allerlei vormen en kleuren en we komen bijna geen verkeer tegen. Wel weer een weg die ze aan het aanleggen/asfalteren zijn en onze bus wordt weer gratis getektileerd. Niet alleen van onderen.
Bij het St Katherina klooster kunnen we buiten verwachting wel overnachten en de toeristen politie is weer vreselijk behulpzaam. Ook krijgen we veel aandacht van de diverse verkopers van de diverse shopjes, maar dat is best gezellig. De jongens laten zich af en toe weer horen als de aandacht te veel wordt.
Voordat we gaan slapen spreek ik met Monique af dat ik alles klaar maak om de Mozes berg te beklimmen en dat we het van het lawaai laten afhangen of ik gaan. Als we er van wakker worden dan ga ik en anders slapen we lekker door. Natuurlijk wordt ik wakker en als ik op het horloge kijk schik ik me rot, nog voor 1 uur. Volgens de mensen die we hadden gesproken was de vertrektijd normaal rond 3 uur. Ik dommel nog wat door en vraag me af of we niet stiekum door een tijdszone zijn gereden. Dat is natuurlijk helemaal niet het geval en om half 3 kruip ik uit bed.
Op de parkeerplaats zie ik al 6 grote bussen staan en diverse kleintjes. Ik voeg me bij de massa en loop mee naar het klooster. Daar gaan de groepen eerst nog wat drinken en hoor ik dat de mensen van 1 uur daar altijd eerst wat komen eten. Vandaar die kippendrift. De massa loopt niet echt door en ik loop van groepje naar groepje. Ik besluit via de dromedaris route te lopen, want de trappen kan ik niet vinden en het is te donker om zomaar in mijn eentje te gaan lopen.
Het is indrukwekkend om onder de sterrenhemel te lopen en grappig om te zien dat er heel wat wordt afgezien. De klim is maar van 1.500 naar 2.200 meter en onderweg kom ik zelfs mensen tegen die medicijnen tegen hoogteziekte krijgen. Ook verbaas ik me over het aantal Russen, want die kom ik het meest tegen. Ik neem onderweg geen rust en dat kan makkelijk bij de 15 stops, toerisme op de berg! Het laatste stuk is wel over de trappen en 2 minuten onder de top zijn nog 5 restaurantjes. Omdat ik veel te vroeg ben, nog voor half 5, besluit ik daar te stoppen en niet weg te waaien op de top. Bij de restaurantjes is ook meer vermaak en zie ik de medeklimmers aan komen. Natuurlijk van alles wat, mensen die echt weten waar ze mee bezig zijn en mensen in enkel een t-shirt en hoge hakken. Vele Russen vragen om wodka op de top, maar dat is toch iets te veel van het goede. Nee, warme thee/koffie/chocolademelk doen goede zaken en ook dekens voor op de top. Ik trek mijn fleece en windjack aan en let er goed op dat ik niet afkoel en drink/eet.
Kwart over vijf ga ik naar de top en treed in de voetstappen van mijn zus, die hier jaren gelden ook was. Zij was toen ziek als een hond en ik voel we prima. Op de top vind ik nog makkelijk een plekje en ik verbaas me erover dat er helemaal niet zoveel wind staat als ik had gedacht. Het is toch nog een tijd wachten op de zon en gelukkig was de klim leuk, want de zonsopgang valt me tegen. De lucht kleurt wel iets en de omgeving is ook best mooi als de zon om 6.17 uur eindelijk boven de horizon komt, maar niet echt spectaculair. Wie weet hoe Mozes het in zijn tijd heeft gezien of had hij alleen oog voor de 10 geboden?
Wel leuk om al die mensen te bekijken en ik neem er mijn tijd voor. Voor 7 uur begin ik toch aan de afzink en ik ga ook naar beneden via het dromedarispad. Dat is bij daglicht prachtig en ik kom ook aardig wat vogels tegen. Ook een fazant/franklin die ik niet in het vogelboek kan vinden. Ik heb hem echter op de dia gevangen en zal de specialist (JP) eens lastig vallen. In iets meer dan een uur ben ik beneden en weer bij het gezin. Die zijn al wakker en zitten te ontbijten en samen kijken we naar de mensen die naar beneden komen. We besluiten toch nog even het klooster van binnen te bekijken en hebben dat binnen 15 minuten gedaan, te druk.
Vanuit St Katherina naar Nuweiba om de kaarten voor de boot te kopen en gelijk door naar Dahab. Daar hebben we veel goede verhalen over gehoord en vooral Monique kijkt er naar uit. Als we daar aankomen waaien we bijna uit onze verschoning en weten niet wat we ervan moeten denken. Eerst eens de brieven op de post gedaan en wat inkopen gedaan in een klein winkeltje tegenover het sjieke Swiss Inn (150 $ per nacht).
Wij rijden naar het backpackers gedeelte van de stad en vinden een plekje bij Mohammed voor 20 pond. Als we eens goed rondkijken bij Mohammed komen we vlug tot de ontdekking dat dit helemaal geen fijne plek is, sanitair en doorgang naar zee, dus we besluiten te verkassen. Gelukkig heeft Monique op voorhand heel wat info van Internet afgeplukt en we komen dankzij haar werk bij Crazy Camel terecht. We staan daar onder de palmen in de schaduw, met electriciteit, privacy en genoeg speelruimte voor de jongens. Bingo, dit wordt onze plek voor een mini vakantie in de reis.
Wat kan een mens schrijven over 5 dagen van bijna niets doen. Elke dag buiten ontbijten en daar om beurten gaan snorkelen, met de jongens spelen/lopen, inkopen doen, middageten, Rik in bed, weer om beurten snorkelen, avondeten, flaneren over de boulevard, lezen.spelen en slapen. Ja, het leven kan simpel zijn en het schrijven van een verslag ook.
De laatste avond in Egypte vieren we op 4 december en we gaan lekker uit eten. Helaas niet bij de man die altijd zo vriendelijk met ons meespeelde op de boulevard, maar bij een andere vriendelijke heer die Rik een keer een banaan had gegeven toen hij was gevallen. Het eten is net als ons verblijf, verrukkelijk. Monique waagt zich aan de vis en ik eet met de jongens een pizza (echt Egyptische he). Het toetje is natuurlijk Om Ali en die is machtig lekker. We rollen echt tonnetje rond het restaurant uit en kruipen vroeg in de slaapzak. Wat zal de overstek morgen worden?

Sinterklaasje kom maar binnen met je knecht .. 5 december en tijd om te verkassen naar een ander land. Om 12 uur zijn we in Nuweiba en ondergaan weer de gekte van het uitklaren. Dit keer hebben we het geluk dat een uniform met ons mee gaat,want ik had het dit keer zelf echt niet gered in 2 uur. Ik zie weer allemaal formulieren voorbij vliegen, kom in kantoortjes en de 18de eeuw, sta tussen vrachtwagenchauffeurs de allemaal proberen voor te dringen, wissel bij een bank die geen bonnetje heeft (printer werkt niet) en zoek tussen vrachtwagens door naar mensen die een stempeltje op een van de vele formulieren moeten zetten. Na een uur zijn we dan eindelijk klaar en Monique heeft de kinderen weer onder de hoede gehad, ging prima. Monique rijdt de bus achteruit de boot op en we staan weer als enige westerling op de boot.
De bootreis is een drama. Rik en Bart rennen als gekken rond en doen idem dingen. We falen volkomen als ouders en gelukkig hebben we ook veel lol met onze alternatieve Sint viering. Jawel, hij heeft wat pakjes laten liggen in het ruim van de boot en Bart en Rik genieten er volop van. We krijgen mooie gedichten, heerlijke marsepein, kruidnoten en taai-taai en verrassingen uit Pijnacker en Haaksbergen (boekjes voor de jongens). Dank U Sinterklaasje!!!! Ook de maskers van Zwarte Piet doen het goed en de mensen op de boot weten niet wat ze zien.
Gelukkig sjees ik in Jordanië zo door de papierwinkel heen, wat een verschil met Egypte, en 50 Euro armer (37 JD) rijden we met het gezin de port uit. Oef, maar waar naartoe? Er staat geen leesbaar bord en het is donker en geen mens te zien. De eerste de beste vrachtwagenchauffeur die we zien sleur ik uit zijn kabine en in zijn beste Arabisch legt hij alles haarfijn uit. We knikken beleeft maar nemen de gok niet. Er komt vlug hulp en een sjieke 4x4 helpt ons uit de brand. We volgen hem en binnen 3 minuten zitten we op de goede weg .. op naar Saoudi Arabië. Volgens De-Stefanos én de Planet moet er ten zuiden van Aqaba een camping zijn. Wij zoeken ons een ongeluk en vragen het diverse malen, maar we kunnen het NIET vinden. Dat overkomt ons niet vaak, maar het is ook wel erg donker.
Opeens zien we een camper ergens staan en we zetten onze bus er in de buurt. De volgende ochtend leren we dat het een gratis overnachtingplaats is en er ook electriciteit is. Toch een geluk bij een ongeluk. We nemen de jongens mee naar het aquarium van Aqaba en komen onderweg er achter dat we vlak voor de ingang van de camping (=afslag) bij militairen de weg hadden gevraagd, maar dat ze ons 2 km het bos in hadden gestuurd. Hi, hi.
Het aquarium is leuk voor de jongens, want nu kunnen ze eens zien wat wij allemaal onder water hebben gezien. Het geheel stelt niet heel veel voor, maar de jongens gaan uit hun dak. Vooral Bart heeft weer oog voor details en verliest zijn hart aan een murene. Hij heeft het dagen later er nog over. Ook komt de schooljeugd hier massaal naar toe en we krijgen veel aandacht. Als het ons te veel wordt negeren we die gewoon. Gaat prima. Dat lukt niet geheel met Rik in de gaten houden en op een gegeven moment is Monique hem kwijt. Hij is gewoon de poort uitgelopen en terug naar de bus gegaan. Ja, de bus is zijn huis en ons huis in Pijnacker zal hij straks NIET meer herkennen! We besluiten nog een dag langer in Aqaba te blijven en Monique snorkelt er nog lekker op los. Het koraal is veel minder dan in Dahab, maar ze ziet toch maar mooi de murene ‘van Bart’ in het eggie.
We laten het koraal en de vissenpracht definitief achter ons en gaan de woestijn weer
in. Wadi Rum is makkelijk te vinden dankzij De-Stefanos en we vinden een hele leuke camping. Moon Valley is de naam en we staan er helemaal alleen. Er werken 3 mannen en die zijn superaardig voor de jongens en ons. Als we goed ons om heen kijken zien we dat we midden in de woestijn staan vlak onder een prachtige champignon rots van een meter of 30. We bekijken de zonsondergang vanaf een rots tegenover de camping en Bart laat zien dat hij een ongelooflijk goede klimmer is. Chapeau, als die wil neemt die de hoogste berg. Ook Rik wil dat wel, maar ziet de gevaren nog niet zo goed, hi, hi.
We hebben het zo naar onze zin op deze stek dat we langer blijven en de jongens spelen urenlang met een mini Bedouinen tent, vóór de echte Bedouinen tent. Verder lopen we wat meer zand in de schoenen en genieten van elkaar. Dat doen de mensen hier ook van ons en we worden uitgenodigd voor het avondeten. Ze hebben een heerlijke rijstmaaltijd, met brood, yoghurt en salade gemaakt en daarna maken we muziek en dansen we tot de jongens, en een kopje thee, erbij neervallen. Een grandioze ervaring.
Natuurlijk maken we ook een tour door het park en dat kan alleen in jeep. De aanslag op de portemonnee nemen we voor lief, 45 JD en maken een tour van 5 uur. Samen met de jongens rijden we langs prachtige rotsformaties, zien zand in allerlei kleuren, wit/geel/rood, het huis van L.H. Lawrence, prachtige bogen in de rotsen en een kloof. Gelukkig hebben we de afweging niet rationeel gemaakt, we hebben niet echt iets unieks gezien, maar emotioneel en we hadden weer een prima chauf. Heel relaxed en lief met de jongens en dit keer ook iemand die goed Engels sprak en ons begreep.
We keren weer terug naar de camping en genieten van een feestelijke avond. Ja er is in het weekend (vrij-/zaterdag) op onze camping dan toch eindelijk leven.
Vanuit Aqaba rijden we naar Petra en die reis is heel plezierig. De afstand is het niet, 110 km, maar de King’s Highway heeft mooie vergezichten op de rotsen van Zuid-Jordanie. En het mooiste moet nog komen!
Eerst checken we bij het visitors center over alle dingen die we nog niet wisten over Petra en besluiten we morgen te gaan. Omdat we willen overnachten op de parkeerplaats besluiten we nog wat te shoppen en de ijsjes vallen in de smaak bij de jongens. In de supermarkt zien we dat de prijzen hier hoog zijn. We waren al gewaarschuwd dat in Wadi Rum en Petra de prijzen veel hoger liggen dan in de rest van Jordanië. De ijsjes vallen we mee: 0,35 voor een waterijsje en 0,5 voor een kleine Magnum. Maar jezelf verwennen mag best op zijn tijd.
Er is er een jarig en dat zal ze weten ook. Omdat de moskee het weer op zijn heupen heeft én er een bus begint te dieselen om 5.45 uur, zijn we allemaal wat vroeg wakker. Voor zes uur. Met de jongens hang ik de slingers op en blaas de ballonen op. Alles ziet er feestelijk uit en we onthalen Monique met welgemeende liedjes. Ze straalt en Bart is de opper uitpakker. De kado’s uit Nederland waren iet verwacht en zijn een grote verrassing … DANK! Ze is meteen begonnen in het Afrika boek.
Maar niet al te lang, want op haar lijstje stond ook een bezoek aan Petra. Sommige van jullie zijn daar al geweest en bij deze sluiten we aan in de rij van bewonderaars. We starten voor half acht en de jongens hebben er zin in. Er staat nog een harde wind en we hebben ze hun regenjack aangedaan. We zijn een kleurrijke verschijning, maar Petra weet er ook wat van. De sfeer zit er goed in en we zingen allemaal liedjes. Bart kent er al heel wat uit zijn hoofd en is een echt kameraadje (ja Helen, dat zit wel goed). Maar ook Rik laat van zich horen en begint zelf al met ‘zagen, zagen, wielewiele etc, of het Bod lied of met zijn 1 April. Ook hebben we de grootste lol om de woorden China, shampoo, politie auto en vind Rik dat Oma vandaag ook mee moet. Ha, die is hier al geweest.
Na een dikke km gaat Rik in de rugdrager en lopen we de canyon (= Siq) in. Die is niet door water gevormd, maar door tektonische krachten. Het is een werkelijk prachtige wandeling van 1,2 km en natuurlijk genieten van het uitzicht aan het eind. Dat plaatje hebben we al zo vaak gezien en nu zien we het met eigen ogen. Door de kloof zie je tombe die is uitgehouwen door de Nebetanen. Het geheel ligt nog in de schaduw en we zien dat ze er een foto sessie houden. Voor een Deens damesblad, vernemen we van een landgenoot die visagist is.
We nemen lekker de tijd om het hele complex te bekijken en er is genoeg te zien. We hebben nog overwogen om een meerdaagse ticket te kopen, maar met de jongens vonden we 1 dag wel genoeg. We benutten die dag echter optimaal en zien al de pracht die dit volk in de rotsen heeft uitgehouwen. Ook de ligging is goddelijk en de jongens weten het ook te waarderen. We lopen het stuk naar het museum en daar maken we basis kamp. Ik loop het stuk naar het klooster alleen en Monique neemt daarna alleen de leeuwen tombe. Op de terugweg klimmen we nog een stuk en de jongens spelen heerlijk in een grot met afval (flessen) en zand. We hebben er geen kind aan en ook de Sint kado’s doen het goed.
Ongemerkt lopen we vele km’s en zijn blij dat we gisteren niet zijn gegaan. Nu is het erg rustig en gisteren stonden we wel 30 bussen op het terrein. Ook praten we nog met een dame van een kraampje en die heeft 8 kinderen en haar man past daar overdag op. We komen ook een Amerikaans gezin tegen (3 kinderen van rond de 10) en die zijn al 15 maanden op reis. Heel erg gezellig en bij een zacht windje en 25 graden is dat bijzonder aangenaam.
Terug bij de bus wordt het feest, na de cake bij Petra, nog voortgezet en we smullen erop los. Ook het eten wordt aangepast en het wordt een Thaise maaltijd. Verder leest Monique alle SMS’jes en zo heeft ze toch een prima buitenlandse verjaardag. Ze heeft al een aanzienlijke verzameling.
Losse flodders:
· Rik is niet op zijn achterhoofd gevallen en weet nu ook al precies wat 1 april is. Klinkt mooi uit zijn mond en helemaal als die 2 boeven zitten te grappen over 1 april
· Toerisme in Jordanië heeft nu nog steeds last van de aanslagen van 2 maanden gelden
· Wegen in Jordanië zijn van prima kwaliteit
· We zijn alweer 13.000 km onderweg
· Weten nog steeds niet waarom hier alleen maar dromedarissen voorkomen en geen kamelen
· Maken in de woestijn een nacht mee van 6,5 graden. Terwijl jullie in de nachtvorst zitten. Wij hebben echter overdag nog tegen de 30 graden.
· Horen dat het clubje 2-2 speelt tegen RBC (= de hekkensluiter), maar weer wint van PSV
· We spelen nu iedere keer in een Internet café de CD roms die het niet doen op de laptop vanwege NT (Pluk en Bob)
· In de verwen tas van Tante Loes zat een boek van Donald Duck en dat speelde zich af in Egypte tijdens de farao’s .. heel treffend
Monique zit achter het stuur en moeders ernaast. Ik zit met de kinderen achterin en krijg niet echt mee dat het zeer moeilijk rijden is. Het verzamelen in Luxor is geen probleem en er zijn ook niet té veel voertuigen. Nee, de problemen zijn:
- er wordt té hard gereden, ook door de dorpen heen
- om in konvooi te blijven rijden halen de mensen gevaarlijk in en wordt een 2 baansweg per definitie 3
- als je achteraan je eigen tempo probeert te rijden, gaat de politie auto achter je irritant half naast je rijden en zet de sirene om de haverklap aan
- je krijgt geen tijd om ergens te stoppen en ziet alles aan je voorbij trekken
- er liggen veel dorpjes tussen Luxor en Aswan, dus het is uitkijken geblazen. Er zal maar een ezel of hond plots oversteken
- de chauf is over geconcentreerd en kan haast niet genieten van de omgeving
- iedereen in de bus krijgt een beetje spanning mee
- de chauf moet erg op de hoede zijn voor verkeersdrempels. Normaal moet dat ook, maar wil je het konvooi bijhouden dan rij je wat anders/sneller dan normaal
- volgens ons neemt het aantal ongelukken toe, omdat men soms als een idioot inhaalt om de vaart er maar in te houden/bij te blijven.
Kortom: we vinden het niks en de gedachte erachter klopt ook niet. Omdat het toerisme de grootste bron van inkomsten is voor Egypte willen ze de toerist optimaal beschermen. Op zich een goed idee, maar als je een aanslag wilt plegen met grote gevolgen dan leent een konvooi zich daar wel heel erg voor. Je weet precies wanneer het konvooi vertrekt, je weet de route en je weet dat er altijd veel buitenlanders in het konvooi rijden. Maar goed, wij bepalen het beleid hier niet.
Monique is doodmoe als we aankomen in Aswan en moeders zegt dat ze ook niet echt op haar gemak had gezeten. Later kwamen we erachter dat we de zwaarste het eerst hadden gehad.
Het konvooi van Aswan naar Abu Simbul is best relaxed. Natuurlijk moeten we wel weer verzamelen, maar na 10 kilometer valt het konvooi uit elkaar. Dit kwam mede door het feit dat we een afslag misten en helemaal achteraan kwamen te rijden. Er is ook maar één weg naar het zuiden en er zijn ook geen dorpjes of afslagen langs de weg. De omgeving maakt het voor een 2 wiel aangedreven auto dus bijna onmogelijk om ‘te ontsnappen’ en een andere weg op te gaan dan naar Abu Simbul.
Om het konvooi van Aswan terug naar Luxor leuker te maken dan de heenreis, denken we er goed aan te doen om 2 tussenstops te maken. Dat blijkt een goede keuze en zo halen we een groot deel van de stress uit deze rit. Het blijft echter vervelend om te hard te moeten rijden en niet bij dorpjes te mogen stoppen. Dit keer zien we ook echt dat het een konvooi is en alle toegangswegen naar onze weg worden tijdelijk afgesloten. Iedere keer zien we agenten of mensen in burger met een geweer onze veiligheid waarborgen. Ook al het tegemoet komend verkeer wordt op diverse punten stilgelegd en verkeer op onze baan wordt de berm in getoeterd. Moet toch wat zijn voor de plaatselijke bevolking al die ellende rondom een konvooi elke dag. Aan de andere kant weten ze natuurlijk wel elke dag precies hoe laat je er rekening mee moet houden.
Gelukkig kunnen we afscheid nemen van het konvooi richting port Safaga. Het konvooi is dit keer erg groot en er zitten heel veel grote bussen bij. Dat zijn we niet gewend. De bussen maken er ook een spelletje van om elkaar in te halen en sommige rijden 120 plus. Sommige chauffeurs zijn ook echte waaghalzen en halen gewoon in bij bochten en op heuvels. We zien maar heel soms een uitgebrand wrak langs de weg. Waarschijnlijk gebeurt er meer, maar halen ze alles vlug weg. De toerist mag niets merken/zien! Tijdens de rit wordt er dit keer wel gestopt en we doen alsof ons neus bloedt. We rijden gewoon door en niemand houdt ons tegen. We rijden dus geheel relaxed naar port Safaga en maken onderweg foto’s wanneer wij dat willen. Het is een prachtig rots landschap en genieten er dubbel van.
Maar zijn er dan geen positieve dingen te melden? Oh ja wel, het is erg goed voor de werkgelegenheid. Iedere keer is er een half legertje toeristenpolitie op de been en ook de waterverkoper bij een beginpunt doet goede zaken. Die verkoopt een liter water voor 5 pond, terwijl 1,5 de normale prijs is.
Tijd om port Safaga te verlaten en daar heb ik dit keer moeite mee. We hebben het er prima naar ons zin, de vissenpracht is mooi en de jongens hebben de speeltuin/zand. Toch gaan we verder en zijn heel wat van plan. De weg naar Hurgada is appeltje/eitje en we laten de stad rechts liggen. Ook rijdt het goed door naar het Pilatusklooster, maar daarna kunnen we maar 70 km rijden langs een prachtige kustweg. Niet goed voor het gemiddelde, wel voor het uitzicht. Ook zien we dat OVERAL nieuwe resorts worden neergezet en we verbazen ons over het feit wie daar allemaal komen overnachten. Het aantal huisjes/appartementen loopt echt in de duizenden.
Op voorhand weten we dat het niet makkelijk zal worden om langs Suez de juiste weg te vinden, maar met behulp van de plaatselijke bevolking lukt het ons altijd wel. Monique houdt gewoon een vrachtwagenchauffeur aan en die rijdt ons netjes voor. Inmiddels hebben we al weer meer dan 500 kilometer achter de kieuwen en we besluiten halt te houden in Ras Sudr. De jongens hebben het tot op heden uitstekend gedaan en het wordt ook al bijna donker. Voor het plaatsje besluiten we gewoon de toeristenpolitie aan te schieten en als die de jongens zien, dan is het zo gedaan. Ze zoeken voor ons een plaatsje uit bij een resort dat in de winterslaap zit. De mensen die daar nog de wacht houden en het noodzakelijk onderhoud doen, zijn erg vriendelijk. Na het eten word ik zelfs uitgenodigd om een strandwandeling te maken met een van hen en dat is weer heel leerzaam. De jongen is 22 en heeft een studie kunstgeschiedenis achter de rug in Cairo. Daar kan hij echter geen wek in vinden en probeert nu zijn talen op te halen om zodoende in de toeristenindustrie aan de slag te kunnen. Zijn engels is er goed en hij spreekt ook Russisch. We hebben het over het huwelijk, de Egyptische samenleving en wat hij zoal verdient: 300 pond per maand. Oef, maar wel met kost en inwoning.
Na een redelijk onrustige nacht, we stonden bijna naast de weg, worden we wakker in een grauwe mist ochtend. Bah, dat zijn we niet gewend en de zilte zeelucht zit dik aan de bus geplakt. We pakken vlug in en zijn ruim voor achten al weer op pad. De mist lost gelukkig redelijk vlug op dankzij de felle zonnestralen en als we in Ras Sudr inkopen doen wordt alles weer helder. Dat geldt niet voor Monique, want die blijft meer dan 20 minuten weg terwijl ze alleen maar ‘even’ wat brood om de hoek gaat kopen. Oef, de rook kwam uit mijn oren. Wat is het geval, er was helemaal geen bakker om de hoek en ze moest een heel eind lopen, kwam meer lekkers tegen en had te weinig geld bij zich. Ik heb even tijd nodig om af te koelen.
De weg door de Sinai is weer vol met rotsen en die kunnen ons boeien. We zien allerlei vormen en kleuren en we komen bijna geen verkeer tegen. Wel weer een weg die ze aan het aanleggen/asfalteren zijn en onze bus wordt weer gratis getektileerd. Niet alleen van onderen.
Bij het St Katherina klooster kunnen we buiten verwachting wel overnachten en de toeristen politie is weer vreselijk behulpzaam. Ook krijgen we veel aandacht van de diverse verkopers van de diverse shopjes, maar dat is best gezellig. De jongens laten zich af en toe weer horen als de aandacht te veel wordt.
Voordat we gaan slapen spreek ik met Monique af dat ik alles klaar maak om de Mozes berg te beklimmen en dat we het van het lawaai laten afhangen of ik gaan. Als we er van wakker worden dan ga ik en anders slapen we lekker door. Natuurlijk wordt ik wakker en als ik op het horloge kijk schik ik me rot, nog voor 1 uur. Volgens de mensen die we hadden gesproken was de vertrektijd normaal rond 3 uur. Ik dommel nog wat door en vraag me af of we niet stiekum door een tijdszone zijn gereden. Dat is natuurlijk helemaal niet het geval en om half 3 kruip ik uit bed.
Op de parkeerplaats zie ik al 6 grote bussen staan en diverse kleintjes. Ik voeg me bij de massa en loop mee naar het klooster. Daar gaan de groepen eerst nog wat drinken en hoor ik dat de mensen van 1 uur daar altijd eerst wat komen eten. Vandaar die kippendrift. De massa loopt niet echt door en ik loop van groepje naar groepje. Ik besluit via de dromedaris route te lopen, want de trappen kan ik niet vinden en het is te donker om zomaar in mijn eentje te gaan lopen.
Het is indrukwekkend om onder de sterrenhemel te lopen en grappig om te zien dat er heel wat wordt afgezien. De klim is maar van 1.500 naar 2.200 meter en onderweg kom ik zelfs mensen tegen die medicijnen tegen hoogteziekte krijgen. Ook verbaas ik me over het aantal Russen, want die kom ik het meest tegen. Ik neem onderweg geen rust en dat kan makkelijk bij de 15 stops, toerisme op de berg! Het laatste stuk is wel over de trappen en 2 minuten onder de top zijn nog 5 restaurantjes. Omdat ik veel te vroeg ben, nog voor half 5, besluit ik daar te stoppen en niet weg te waaien op de top. Bij de restaurantjes is ook meer vermaak en zie ik de medeklimmers aan komen. Natuurlijk van alles wat, mensen die echt weten waar ze mee bezig zijn en mensen in enkel een t-shirt en hoge hakken. Vele Russen vragen om wodka op de top, maar dat is toch iets te veel van het goede. Nee, warme thee/koffie/chocolademelk doen goede zaken en ook dekens voor op de top. Ik trek mijn fleece en windjack aan en let er goed op dat ik niet afkoel en drink/eet.
Kwart over vijf ga ik naar de top en treed in de voetstappen van mijn zus, die hier jaren gelden ook was. Zij was toen ziek als een hond en ik voel we prima. Op de top vind ik nog makkelijk een plekje en ik verbaas me erover dat er helemaal niet zoveel wind staat als ik had gedacht. Het is toch nog een tijd wachten op de zon en gelukkig was de klim leuk, want de zonsopgang valt me tegen. De lucht kleurt wel iets en de omgeving is ook best mooi als de zon om 6.17 uur eindelijk boven de horizon komt, maar niet echt spectaculair. Wie weet hoe Mozes het in zijn tijd heeft gezien of had hij alleen oog voor de 10 geboden?
Wel leuk om al die mensen te bekijken en ik neem er mijn tijd voor. Voor 7 uur begin ik toch aan de afzink en ik ga ook naar beneden via het dromedarispad. Dat is bij daglicht prachtig en ik kom ook aardig wat vogels tegen. Ook een fazant/franklin die ik niet in het vogelboek kan vinden. Ik heb hem echter op de dia gevangen en zal de specialist (JP) eens lastig vallen. In iets meer dan een uur ben ik beneden en weer bij het gezin. Die zijn al wakker en zitten te ontbijten en samen kijken we naar de mensen die naar beneden komen. We besluiten toch nog even het klooster van binnen te bekijken en hebben dat binnen 15 minuten gedaan, te druk.
Vanuit St Katherina naar Nuweiba om de kaarten voor de boot te kopen en gelijk door naar Dahab. Daar hebben we veel goede verhalen over gehoord en vooral Monique kijkt er naar uit. Als we daar aankomen waaien we bijna uit onze verschoning en weten niet wat we ervan moeten denken. Eerst eens de brieven op de post gedaan en wat inkopen gedaan in een klein winkeltje tegenover het sjieke Swiss Inn (150 $ per nacht).
Wij rijden naar het backpackers gedeelte van de stad en vinden een plekje bij Mohammed voor 20 pond. Als we eens goed rondkijken bij Mohammed komen we vlug tot de ontdekking dat dit helemaal geen fijne plek is, sanitair en doorgang naar zee, dus we besluiten te verkassen. Gelukkig heeft Monique op voorhand heel wat info van Internet afgeplukt en we komen dankzij haar werk bij Crazy Camel terecht. We staan daar onder de palmen in de schaduw, met electriciteit, privacy en genoeg speelruimte voor de jongens. Bingo, dit wordt onze plek voor een mini vakantie in de reis.
Wat kan een mens schrijven over 5 dagen van bijna niets doen. Elke dag buiten ontbijten en daar om beurten gaan snorkelen, met de jongens spelen/lopen, inkopen doen, middageten, Rik in bed, weer om beurten snorkelen, avondeten, flaneren over de boulevard, lezen.spelen en slapen. Ja, het leven kan simpel zijn en het schrijven van een verslag ook.
De laatste avond in Egypte vieren we op 4 december en we gaan lekker uit eten. Helaas niet bij de man die altijd zo vriendelijk met ons meespeelde op de boulevard, maar bij een andere vriendelijke heer die Rik een keer een banaan had gegeven toen hij was gevallen. Het eten is net als ons verblijf, verrukkelijk. Monique waagt zich aan de vis en ik eet met de jongens een pizza (echt Egyptische he). Het toetje is natuurlijk Om Ali en die is machtig lekker. We rollen echt tonnetje rond het restaurant uit en kruipen vroeg in de slaapzak. Wat zal de overstek morgen worden?

Sinterklaasje kom maar binnen met je knecht .. 5 december en tijd om te verkassen naar een ander land. Om 12 uur zijn we in Nuweiba en ondergaan weer de gekte van het uitklaren. Dit keer hebben we het geluk dat een uniform met ons mee gaat,want ik had het dit keer zelf echt niet gered in 2 uur. Ik zie weer allemaal formulieren voorbij vliegen, kom in kantoortjes en de 18de eeuw, sta tussen vrachtwagenchauffeurs de allemaal proberen voor te dringen, wissel bij een bank die geen bonnetje heeft (printer werkt niet) en zoek tussen vrachtwagens door naar mensen die een stempeltje op een van de vele formulieren moeten zetten. Na een uur zijn we dan eindelijk klaar en Monique heeft de kinderen weer onder de hoede gehad, ging prima. Monique rijdt de bus achteruit de boot op en we staan weer als enige westerling op de boot.
De bootreis is een drama. Rik en Bart rennen als gekken rond en doen idem dingen. We falen volkomen als ouders en gelukkig hebben we ook veel lol met onze alternatieve Sint viering. Jawel, hij heeft wat pakjes laten liggen in het ruim van de boot en Bart en Rik genieten er volop van. We krijgen mooie gedichten, heerlijke marsepein, kruidnoten en taai-taai en verrassingen uit Pijnacker en Haaksbergen (boekjes voor de jongens). Dank U Sinterklaasje!!!! Ook de maskers van Zwarte Piet doen het goed en de mensen op de boot weten niet wat ze zien.
Gelukkig sjees ik in Jordanië zo door de papierwinkel heen, wat een verschil met Egypte, en 50 Euro armer (37 JD) rijden we met het gezin de port uit. Oef, maar waar naartoe? Er staat geen leesbaar bord en het is donker en geen mens te zien. De eerste de beste vrachtwagenchauffeur die we zien sleur ik uit zijn kabine en in zijn beste Arabisch legt hij alles haarfijn uit. We knikken beleeft maar nemen de gok niet. Er komt vlug hulp en een sjieke 4x4 helpt ons uit de brand. We volgen hem en binnen 3 minuten zitten we op de goede weg .. op naar Saoudi Arabië. Volgens De-Stefanos én de Planet moet er ten zuiden van Aqaba een camping zijn. Wij zoeken ons een ongeluk en vragen het diverse malen, maar we kunnen het NIET vinden. Dat overkomt ons niet vaak, maar het is ook wel erg donker.
Opeens zien we een camper ergens staan en we zetten onze bus er in de buurt. De volgende ochtend leren we dat het een gratis overnachtingplaats is en er ook electriciteit is. Toch een geluk bij een ongeluk. We nemen de jongens mee naar het aquarium van Aqaba en komen onderweg er achter dat we vlak voor de ingang van de camping (=afslag) bij militairen de weg hadden gevraagd, maar dat ze ons 2 km het bos in hadden gestuurd. Hi, hi.
Het aquarium is leuk voor de jongens, want nu kunnen ze eens zien wat wij allemaal onder water hebben gezien. Het geheel stelt niet heel veel voor, maar de jongens gaan uit hun dak. Vooral Bart heeft weer oog voor details en verliest zijn hart aan een murene. Hij heeft het dagen later er nog over. Ook komt de schooljeugd hier massaal naar toe en we krijgen veel aandacht. Als het ons te veel wordt negeren we die gewoon. Gaat prima. Dat lukt niet geheel met Rik in de gaten houden en op een gegeven moment is Monique hem kwijt. Hij is gewoon de poort uitgelopen en terug naar de bus gegaan. Ja, de bus is zijn huis en ons huis in Pijnacker zal hij straks NIET meer herkennen! We besluiten nog een dag langer in Aqaba te blijven en Monique snorkelt er nog lekker op los. Het koraal is veel minder dan in Dahab, maar ze ziet toch maar mooi de murene ‘van Bart’ in het eggie.
We laten het koraal en de vissenpracht definitief achter ons en gaan de woestijn weer
in. Wadi Rum is makkelijk te vinden dankzij De-Stefanos en we vinden een hele leuke camping. Moon Valley is de naam en we staan er helemaal alleen. Er werken 3 mannen en die zijn superaardig voor de jongens en ons. Als we goed ons om heen kijken zien we dat we midden in de woestijn staan vlak onder een prachtige champignon rots van een meter of 30. We bekijken de zonsondergang vanaf een rots tegenover de camping en Bart laat zien dat hij een ongelooflijk goede klimmer is. Chapeau, als die wil neemt die de hoogste berg. Ook Rik wil dat wel, maar ziet de gevaren nog niet zo goed, hi, hi.We hebben het zo naar onze zin op deze stek dat we langer blijven en de jongens spelen urenlang met een mini Bedouinen tent, vóór de echte Bedouinen tent. Verder lopen we wat meer zand in de schoenen en genieten van elkaar. Dat doen de mensen hier ook van ons en we worden uitgenodigd voor het avondeten. Ze hebben een heerlijke rijstmaaltijd, met brood, yoghurt en salade gemaakt en daarna maken we muziek en dansen we tot de jongens, en een kopje thee, erbij neervallen. Een grandioze ervaring.
Natuurlijk maken we ook een tour door het park en dat kan alleen in jeep. De aanslag op de portemonnee nemen we voor lief, 45 JD en maken een tour van 5 uur. Samen met de jongens rijden we langs prachtige rotsformaties, zien zand in allerlei kleuren, wit/geel/rood, het huis van L.H. Lawrence, prachtige bogen in de rotsen en een kloof. Gelukkig hebben we de afweging niet rationeel gemaakt, we hebben niet echt iets unieks gezien, maar emotioneel en we hadden weer een prima chauf. Heel relaxed en lief met de jongens en dit keer ook iemand die goed Engels sprak en ons begreep.We keren weer terug naar de camping en genieten van een feestelijke avond. Ja er is in het weekend (vrij-/zaterdag) op onze camping dan toch eindelijk leven.
Vanuit Aqaba rijden we naar Petra en die reis is heel plezierig. De afstand is het niet, 110 km, maar de King’s Highway heeft mooie vergezichten op de rotsen van Zuid-Jordanie. En het mooiste moet nog komen!
Eerst checken we bij het visitors center over alle dingen die we nog niet wisten over Petra en besluiten we morgen te gaan. Omdat we willen overnachten op de parkeerplaats besluiten we nog wat te shoppen en de ijsjes vallen in de smaak bij de jongens. In de supermarkt zien we dat de prijzen hier hoog zijn. We waren al gewaarschuwd dat in Wadi Rum en Petra de prijzen veel hoger liggen dan in de rest van Jordanië. De ijsjes vallen we mee: 0,35 voor een waterijsje en 0,5 voor een kleine Magnum. Maar jezelf verwennen mag best op zijn tijd.
Er is er een jarig en dat zal ze weten ook. Omdat de moskee het weer op zijn heupen heeft én er een bus begint te dieselen om 5.45 uur, zijn we allemaal wat vroeg wakker. Voor zes uur. Met de jongens hang ik de slingers op en blaas de ballonen op. Alles ziet er feestelijk uit en we onthalen Monique met welgemeende liedjes. Ze straalt en Bart is de opper uitpakker. De kado’s uit Nederland waren iet verwacht en zijn een grote verrassing … DANK! Ze is meteen begonnen in het Afrika boek.
Maar niet al te lang, want op haar lijstje stond ook een bezoek aan Petra. Sommige van jullie zijn daar al geweest en bij deze sluiten we aan in de rij van bewonderaars. We starten voor half acht en de jongens hebben er zin in. Er staat nog een harde wind en we hebben ze hun regenjack aangedaan. We zijn een kleurrijke verschijning, maar Petra weet er ook wat van. De sfeer zit er goed in en we zingen allemaal liedjes. Bart kent er al heel wat uit zijn hoofd en is een echt kameraadje (ja Helen, dat zit wel goed). Maar ook Rik laat van zich horen en begint zelf al met ‘zagen, zagen, wielewiele etc, of het Bod lied of met zijn 1 April. Ook hebben we de grootste lol om de woorden China, shampoo, politie auto en vind Rik dat Oma vandaag ook mee moet. Ha, die is hier al geweest.
Na een dikke km gaat Rik in de rugdrager en lopen we de canyon (= Siq) in. Die is niet door water gevormd, maar door tektonische krachten. Het is een werkelijk prachtige wandeling van 1,2 km en natuurlijk genieten van het uitzicht aan het eind. Dat plaatje hebben we al zo vaak gezien en nu zien we het met eigen ogen. Door de kloof zie je tombe die is uitgehouwen door de Nebetanen. Het geheel ligt nog in de schaduw en we zien dat ze er een foto sessie houden. Voor een Deens damesblad, vernemen we van een landgenoot die visagist is.
We nemen lekker de tijd om het hele complex te bekijken en er is genoeg te zien. We hebben nog overwogen om een meerdaagse ticket te kopen, maar met de jongens vonden we 1 dag wel genoeg. We benutten die dag echter optimaal en zien al de pracht die dit volk in de rotsen heeft uitgehouwen. Ook de ligging is goddelijk en de jongens weten het ook te waarderen. We lopen het stuk naar het museum en daar maken we basis kamp. Ik loop het stuk naar het klooster alleen en Monique neemt daarna alleen de leeuwen tombe. Op de terugweg klimmen we nog een stuk en de jongens spelen heerlijk in een grot met afval (flessen) en zand. We hebben er geen kind aan en ook de Sint kado’s doen het goed.
Ongemerkt lopen we vele km’s en zijn blij dat we gisteren niet zijn gegaan. Nu is het erg rustig en gisteren stonden we wel 30 bussen op het terrein. Ook praten we nog met een dame van een kraampje en die heeft 8 kinderen en haar man past daar overdag op. We komen ook een Amerikaans gezin tegen (3 kinderen van rond de 10) en die zijn al 15 maanden op reis. Heel erg gezellig en bij een zacht windje en 25 graden is dat bijzonder aangenaam.
Terug bij de bus wordt het feest, na de cake bij Petra, nog voortgezet en we smullen erop los. Ook het eten wordt aangepast en het wordt een Thaise maaltijd. Verder leest Monique alle SMS’jes en zo heeft ze toch een prima buitenlandse verjaardag. Ze heeft al een aanzienlijke verzameling.
Losse flodders:
· Rik is niet op zijn achterhoofd gevallen en weet nu ook al precies wat 1 april is. Klinkt mooi uit zijn mond en helemaal als die 2 boeven zitten te grappen over 1 april
· Toerisme in Jordanië heeft nu nog steeds last van de aanslagen van 2 maanden gelden
· Wegen in Jordanië zijn van prima kwaliteit
· We zijn alweer 13.000 km onderweg
· Weten nog steeds niet waarom hier alleen maar dromedarissen voorkomen en geen kamelen
· Maken in de woestijn een nacht mee van 6,5 graden. Terwijl jullie in de nachtvorst zitten. Wij hebben echter overdag nog tegen de 30 graden.
· Horen dat het clubje 2-2 speelt tegen RBC (= de hekkensluiter), maar weer wint van PSV
· We spelen nu iedere keer in een Internet café de CD roms die het niet doen op de laptop vanwege NT (Pluk en Bob)
· In de verwen tas van Tante Loes zat een boek van Donald Duck en dat speelde zich af in Egypte tijdens de farao’s .. heel treffend
Comments:
<< Home
Hoi Hans & Monique en kids,
Leuk om jullie verhalen te lezen en zelf ook van een heerlijke trip aan de andere kant van de aardbol te genieten. Ja hoor, de temperaturen van rond de 30 graden komen ons bekend voor. 's Nachts is het hier een paar graden warmer, rond de 10. Wij hebben inmiddels een rondreis door Maleisie achter ons en een trip door Western Australie. Wat hebben we het toch slecht he. Nou geniet van elke dag en maak er een feestje van.
Uiteraard willen we jullie alvast fijne feestdagen toewensen en nog veel reisplezier.
Eric en Ingrid
Leuk om jullie verhalen te lezen en zelf ook van een heerlijke trip aan de andere kant van de aardbol te genieten. Ja hoor, de temperaturen van rond de 30 graden komen ons bekend voor. 's Nachts is het hier een paar graden warmer, rond de 10. Wij hebben inmiddels een rondreis door Maleisie achter ons en een trip door Western Australie. Wat hebben we het toch slecht he. Nou geniet van elke dag en maak er een feestje van.
Uiteraard willen we jullie alvast fijne feestdagen toewensen en nog veel reisplezier.
Eric en Ingrid
Nou zo te lezen gaat het lekker zijn gangetje hier is het effe wat minder Feyenoord verliest eerst van Ado Den Haag en nu ook nog in de beker van Roda JC. En daar erger je je dan aan hier maar daar heb je er niet zo last van dus jullie zitten daar eigenlijk best maar dat hadden we al begrepen als we jullie verhalen lezen ga zo door. Misschien nog een verhaaltje voor de kerst zo niet dan wensen wij jullie een prettige kerst toe. Groentes van ons allemaal.
Lieve mensen,praktisch het gehele verhaal vab Egypte was voor mij een deja-vu! op de Mozesberg waren toen geen restaurantjes,er was helemaal niets,behalve de geest van Mozes een prachtig uitzicht en veel diarree!!
Hebben jullie al een beetje kerstgevoel???
Nederland is weer vol met lichtjes en de postbode is overwerkt. Lieve kerstgr van ons en tot gauw.....xxxxxxTos,Bram,Bart,Franca
Hebben jullie al een beetje kerstgevoel???
Nederland is weer vol met lichtjes en de postbode is overwerkt. Lieve kerstgr van ons en tot gauw.....xxxxxxTos,Bram,Bart,Franca
Hoi luitjes,
We denken dat er met het plaatsen van onze comments op deze website toch iets niet goed gaat. Dwz: we lezen onze commentaren niet terug. Hopen maar dat ze wel door jullie ontvangen worden!
Voor alle zekerheid: hele fijne kerstdagen namens ons!
Dikke knuffel uit Den Haag,
Rein en Kitty
We denken dat er met het plaatsen van onze comments op deze website toch iets niet goed gaat. Dwz: we lezen onze commentaren niet terug. Hopen maar dat ze wel door jullie ontvangen worden!
Voor alle zekerheid: hele fijne kerstdagen namens ons!
Dikke knuffel uit Den Haag,
Rein en Kitty
Hoi Rein en Kitty,
Dit is jullie eerste comment dat wij kunnen lezen, wat jullie niet zien kunnen wij ook niet, maar op ons mailadres hebben we wel post van Rein gehad. Groeten uit Aleppo in de regen
Post a Comment
Dit is jullie eerste comment dat wij kunnen lezen, wat jullie niet zien kunnen wij ook niet, maar op ons mailadres hebben we wel post van Rein gehad. Groeten uit Aleppo in de regen
<< Home

